Begeleidleren.be
 
Faalangst - (h)erkenning
(H)erkenning van het probleem

1.1        Erkenning

Faalangst is wel degelijk een probleem. Personen die hiervan het slachtoffer zijn zullen u dat maar al te graag bevestigen. Faalangst is in staat om een persoon volledig te destabiliseren in bepaalde situaties. Een van de ‘mooiste’ voorbeelden is de zogenaamde black-out bij examens. Ik vermoed dat iedereen minstens al van iemand gehoord heeft dat een persoon op een ogenblik eventjes helemaal niets meer wist. Wel, stel u voor dat u dat ook heeft. Maar niet alleen voor een examen, waar u per slot van rekening maar enkele keren per jaar last van heeft, maar ook voor andere activiteiten, die op meer regelmatige basis gebeuren.

1.2        Herkenning

Herkenning van faalangst is niet altijd makkelijk. Kinderen/personen met faalangst kunnen dit soms heel goed verbergen. Het is niet omdat iemand faalangst heeft, dat deze persoon een stille, teruggetrokken persoon is. Vaak zelfs integendeel. Deze persoon zal de clown uithangen, zal aandacht op allerlei manieren naar zich toetrekken om toch maar te ontsnappen aan bepaalde opdrachten waar ze zich niet goed bij voelen of om de aandacht af te leiden van het feit dat de opdracht zelf niet zo goed lukt.

1.3        Kenmerken

  • Cognitieve kenmerken

Onzekerheid: Algemeen worden deze kinderen gekenmerkt door een grote onzekerheid. Ze hebben behoefte aan bevestiging door anderen, aan een regelmatige feedback. Vooral bij nieuwe opdrachten zijn zij erg onzeker. Zij kijken vaak eerst naar hoe anderen het gaan doen.

Negatief zelfbeeld: Deze kinderen denken negatief over zichzelf en over hun capaciteiten. Ze kunnen het haast niet geloven als er eens iets positiefs uit de bus komt. Succes is altijd te wijten aan externe factoren, nooit aan zichzelf.

Tunneldenken: Faalangstige kinderen hebben vaak last van

tunneldenken. Hun hele gedachtewereld wordt beheerst door de eerstvolgende opdracht, net alsof je in een tunnel rijdt. Er lijkt nauwelijks ruimte te zijn voor iets anders, zeker niet aan iets leuks of ontspannend

Ik-gericht denken: Een faalangstig kind denkt dat hij alleen op de wereld is met zijn problemen. Hij wil niet inzien dat er in de klas of op school nog kinderen zijn met dezelfde problemen. Dit is niet verwonderlijk: kinderen praten niet graag over elkaars problemen, want dat wordt vaak als kinderachtig beschouwd. Dus proberen ze die gevoelens zoveel mogelijk voor zichzelf te houden.

Mislukkingen voorkomen: Dit soort kinderen besteden heel veel tijd en energie in het vermijden van problemen en  mislukkingen. Dit verhindert het taakgericht werken en versterkt de ik-gerichtheid van het kind. Eveneens bemoeilijkt het ook de concentratie. Er bestaan verschillende manieren om falen te voorkomen. Je kan enkel de gemakkelijke opdrachten maken, je taken thuis vergeten, de verkeerde leerstof studeren en zo aan een toets ontsnappen,… Soms grijpen faalangstigen naar dergelijke middelen om hun vrees voor te falen te reduceren.

 

  • Gedragsmatige kenmerken

a)   het kind ontvlucht oogcontact
b)   Het kind neemt geen verantwoordelijkheid noch initiatieven
c)   Het kind verbergt zich in grote groepen waar het niet opvalt
d)   Het kind klampt zich vast aan details
e)   Het kind kan moeilijk zelfstandig een taak uitvoerenwerken
f)    Te perfectionistisch en rigide (= hard, streng, onverbiddelijk)
g)   Dagdromen
h)   Hebben ook last om zich te concentreren
i)     trillen
j)    tics
k)   nagelbijten
l)     twijfelt voortdurend
m) blokkage
n)   emotionele reacties
o)   in extreme gevallen: vermijdingsdrang (vooral uiting in psychosomatische klachten)

Terug naar Faalangst - algemeen

Faalangst - soorten

Faalangst - begeleiding

Voor meer specifieke vragen in verband met deze problematiek kan u steeds terecht op dit mailadres

U kan ook bellen naar 0473/30 50 57 na de schooluren.